
Een bekende Nederlandse filosoof zei eens: 'Je gaat het pas zien als je het doorhebt'. Deze stelling gaat ook op voor de veranderingen waar wij nu midden in zitten. Niet alleen de crisis, ook de veranderingen op andere gebieden van ons ecosysteem vragen om anders denken en doen. Realiseren we ons voldoende dat we ons in zo'n belangrijke transitie bevinden? Als we terugkijken zien we een aantal belangrijke omwentelingen, zoals de komst van de stoommachine en komst van de computer. Deze hebben allemaal geleid tot transformaties in onze maatschappij.
De veranderingen van ons huidige tijdperk dwingen ons ook in een transformatie naar andere vormen van samenwerking en omgang met onze omgeving. Zoals Frans van der Reep het begin deze eeuw al zei: we gaan deels terug naar de middeleeuwen, waarbij gildes weer belangrijk worden. De slotgracht is vervangen door de firewall. Het grote verschil met de middeleeuwen is dat we nu dankzij het Internet toegang hebben tot heel veel informatie. Met deze informatie ontstaan bottom-up
samenwerkingsvormen die bestaande instituten dwingen na te denken over hun toegevoegde waarde anno nu. De energiebedrijven kampen met enerzijds hevige concurrentie, anderzijds hebben ze te maken met de consument die zelf producent wordt. Ambities van steden als Rotterdam (om Co2 neutraal te worden) en Amsterdam (om voor 2030 een circulaire stad te worden) voeden het lokale initiatief en geven het ruimte om te groeien. In Amsterdam werd al bij de start gebruik gemaakt van de wishdom of the crowds, waaraan ik ook met plezier heb meegewerkt. Juist het gebruik van aanwezige kennis en de drive om tot verbeteringen te komen zorgen voor een enorm opwaarts potentieel.
De vraag is wat organisaties doen in deze tijden van winderige transformatie: zoeken ze de schuilkelders of bouwen ze windmolens? Met name grote organisaties die in het verleden onvoldoende reageerden op veranderingen zijn inmiddels ten onder gegaan. In hun plaats zijn andere initiatieven gekomen. Nu zie je die op verschillende plekken ook ontstaan. Jan Rotmans noemde tijdens zijn verhaal op TEDxMaastricht enkele voorbeelden :
- cityfarms, waarbij voedsel wordt geproduceerd in steden, bij jou om de hoek;
- de floating city, als vervolg op de floating pavilion die in Honselersdijk te zaien is;
- en tot slot de kameleon, het beter benutten van loze oppervlakken door ze wisselend te gebruiken voor opwekking van energie of filteren van lucht.
Het hele verhaal is hier te zien en horen:
Hoe benut jij jouw toegevoegde waarde en die van jouw netwerk om de huidige transities te benutten?



